Motorisch leren kan uw VKB preventieprogramma's verbeteren

Met Alli Gokeler, PhD

Motorisch leren kan uw VKB preventieprogramma's verbeteren

Overzicht

VKB-blessures zijn nog steeds een ernstig probleem binnen de sportwereld. Dit is niet onopgemerkt gebleven, en zo zijn er de afgelopen decennia een tal van maatregelen getroffen met het oog op preventie. De effectiviteit van programma's gericht op VKB-blessurepreventie laten zien dat het risico op een VKB-blessure met ongeveer 52% kan worden verminderd bij vrouwelijke sporters. Er is slechts beperkte literatuur beschikbaar wat betreft de doeltreffendheid van preventieprogramma's om VKB-blessures bij mannelijke sporters te verminderen. De resultaten van grootschalige RCT's hebben bijvoorbeeld de doeltreffendheid van de FIFA 11+ ondersteund in het amateurvrouwenvoetbal en het mannenvoetbal. Hierbij moet worden opgemerkt dat er alleen bij mannelijke sporters in lagere divisies een vermindering van VKB-blessures werd geconstateerd, en niet bij sporters in hogere divisies.

In de Think Tank

In deze Think Tank zal Alli Gokeler ons meenemen op een interactieve reis langs het vele bewijsmateriaal voor de effectiviteit van programma's voor VKB-blessurepreventie met als doel gebieden te identificeren die mogelijk huidige resultaten kunnen verbeteren. De volgende onderwerpen zullen worden besproken:

  1. Binnen VKB-blessurepreventie zijn voornamelijk de neuromusculaire factoren veel bestudeerd, aangezien deze als aanpasbaar worden beschouwd. Er zijn vervolgens verscheidene screeningtests ontwikkeld om sporters te helpen identificeren die meer risico lopen op een VKB-blessure. Deze tests zijn gebaseerd op een lineair verband tussen een bepaalde risicofactor en een (toekomstige) blessure. Onlangs is er echter een complexere, systematische aanpak voorgesteld die een non-lineaire interactie benadrukt tussen verschillende soorten risicofactoren (biomechanisch, psychologisch, fysiologisch en training). Dit leidt tot een complex web aan mogelijke factoren die kunnen bijdragen aan blessures.
  2. Programma's voor VKB-blessurepreventie combineren plyometrie, krachttraining en behendigheids- en balansoefeningen. Er wordt beweerd dat de risicofactoren (die slechts voor vrouwen bekend zijn) hiermee gericht kunnen worden aangepakt. Het uitgangspunt is dat sporters door middel van deze oefeningen voldoende neuromusculaire controle en kracht verkrijgen om onverwachte situaties aan te kunnen, zoals de plotse aanpassing van geplande bewegingen dat mogelijkerwijs kan leiden tot hoge gewrichtsbelasting. De effectiviteit van deze preventieve maatregelen is aldus grotendeels afhankelijk van de feedbackmechanismen die worden geactiveerd zodra de atleet een potentieel blessuremechanisme tegenkomt. Bij alle blessuremechanismes zit de atleet echter midden in een spelsituatie waarin externe factoren, zoals het wel of niet in balbezit zijn en de positie van teamgenoten en tegenstanders ook een rol spelen. De extra effecten die deze factoren hebben op de neuromusculaire functie komen echter grotendeels niet aan de orde in huidige VKB-blessurepreventieprogramma's.
  3. Bij oefeningen voor VKB-blessurepreventie worden sporters geacht hun aandacht naar binnen te richten - dat wil zeggen op hun eigen bewegingen. Bij het motorisch leren wordt dit gedefinieerd als een interne focus. Echter worden motorische vaardigheden die zijn opgedaan in VKB-blessurepreventieprogramma's met IF-instructies over het algemeen niet behouden.

De theorie achter het motorisch leren wordt ook gepresenteerd met het oog op klinische toepassingen en het implementeren van blessurepreventieprogramma's. De deelnemers zullen voorafgaand aan het onderzoek vijf artikelen bestuderen en de wetenschappelijke relevantie hiervan bespreken in groepen. De groepen zullen vervolgens elk hun resultaten in 5 minuten presenteren. Deze artikelen zijn gerelateerd aan de drie kernvragen en vormen samen een basis om onze kennis te vergroten en mogelijke richtingen voor toekomstig onderzoek te identificeren. Het doel is om maximaal twee relevante onderzoeksvragen te formuleren die uiteindelijk een formeel onderzoeksproject aan een universiteit zouden kunnen worden.

Doelen

  • Je leert wetenschappelijke literatuur kritisch te beoordelen om je dagelijkse werk in de kliniek te verbeteren
  • Je leert hoe je een programma voor het screenen van blessures opstelt om klinische besluitvorming voor het opstellen van een individueel preventieprogramma te informeren.
  • Je kan de principes van een complexe, systematische aanpak van blessure-identificatie toepassen en weet hoe je deze in de loop van de tijd kan monitoren.
  • Je kan een blessurepreventieprogramma opstellen op basis van het beste beschikbare wetenschappelijke bewijs en deze op een specifieke context afstemmen.

Datums

Er zijn nog geen datums beschikbaar

Deze website gebruikt cookies om de best mogelijk gebruikerservaring te garanderen.Lees onze privacy policy