18 mei 2022 (1 dag)

  • 18-05-2022: 20:00 - 22:30

Online

  • Online
  • Jan Wilke PhD
  • Engels
  • 3 punten (Kwaliteitshuis Fysiotherapie Vakinhoudelijk algemeen)
    3 punten (Kwaliteitshuis Fysiotherapie Sportfysiotherapie)

Foam rolling in de fysiotherapie: wat werkt, wat niet, en welke techniek wanneer


Inhoud van het webinar

Het webinar behandelt: de definitie en afbakening van foam rolling en self-myofascial release; de drie basistechnieken en de bijbehorende weefselvervormingen; druk als kracht per oppervlakte-eenheid en het aanpassen van de intensiteit; de neurale werkingsmechanismen; de structurele werkingsmechanismen; de meta-analytische evidentie voor bewegingsuitslag; de plaats van foam rolling in de warming-up naast statisch en dynamisch rekken; herstel, vermoeidheid en krachtverlies; de rol van de fascia bij spierpijn; de diagnostiek en behandeling van myofasciale triggerpoints; contra-indicaties en voorzorgen; en de evidentie bij heupartrose, fibromyalgie en ontsteking. Inclusief twee live vraag-en-antwoordsessies.


Werkt foam rolling? Niet de vraag — de vraag is: waarvoor

In dit webinar neemt dr. Jan Wilke (PhD, hoogleraar bewegingswetenschappen, Universität Klagenfurt) u mee langs de volledige evidentie rond foam rolling en self-myofascial release. Hij begint bij de claims die de techniek omgeven — van het losmaken van verklevingen tot het verlagen van de belasting van het bewegingsapparaat — en toetst die stuk voor stuk aan het onderzoek. De uitkomst is genuanceerder dan zowel de voor- als de tegenstanders doorgaans beweren: foam rolling vergroot de bewegingsuitslag aantoonbaar, maar niet méér dan rekken, en de techniek werkt alleen wanneer zij op het juiste behandeldoel wordt afgestemd.


Drie technieken, drie behandeldoelen

Foam rolling is geen enkelvoudige handeling. Compressie, rollen en shearing veroorzaken elk een andere weefselvervorming en dienen elk een ander doel: statische compressie bij triggerpointpijn, rollen wanneer u de lokale doorbloeding en het herstel wilt bevorderen, en shearing wanneer de glijcapaciteit tussen de fasciale lagen is verminderd. In een placebogecontroleerd onderzoek verlaagde uitsluitend statische compressie de pijngevoeligheid van een latent triggerpoint; dynamisch rollen deed dat niet. De techniekkeuze is daarmee geen smaakkwestie.


Werkingsmechanismen: neuraal én structureel

Wilke bouwt het mechanismedeel op als een expliciet debat met zijn Canadese collega David Behm. Aan de neurale kant: endogene pijninhibitie via diffuse noxious inhibitory controls, die verklaart waarom ook het onbehandelde been meer beweegt, en een verlaagde spinale exciteerbaarheid gemeten met de H-reflex. Aan de structurele kant: toename van de weefseldoorbloeding, verbeterd glijden van de fasciale lagen doordat thixotroop hyaluronzuur minder visceus wordt, en een afname van de weefselstijfheid. De relatieve bijdrage van beide is onbekend — en dat wordt ook zo benoemd.


Dosering: korter dan u denkt

Uit de meta-analyse van zesentwintig trials blijkt een duidelijk effect op de bewegingsuitslag ten opzichte van niets doen, maar behandelduur en rolsnelheid beïnvloeden de effectgrootte niet. Boven een minimumdrempel kunt u de uitvoering aan de voorkeur van de patiënt overlaten en behandeltijd vrijmaken voor actieve oefentherapie. De minimale duur verschilt wél per structuur: de tractus iliotibialis en de plantaire fascie vragen aanzienlijk meer tijd dan kleine spieren.


Spierpijn is misschien geen spierpijn

Recent onderzoek van Wilkes eigen werkgroep laat zien dat de fascia na excentrische belasting dikker en stijver wordt, met een piek na achtenveertig uur, en dat juist die toename samenhangt met de ervaren pijn — terwijl de aantoonbare spierschade dat niet doet. Dat heeft directe gevolgen voor de uitleg die u aan uw patiënt of sporter geeft.


Wanneer níet rollen

Het webinar behandelt de internationale expertconsensus over contra-indicaties (open wonden, botfracturen) en voorzorgen (lokale weefselontsteking, diepe veneuze trombose, osteomyelitis, myositis ossificans, perifeer arterieel vaatlijden), met een eerlijke weging van de bewijskracht: het betreft een Delphi-consensus en geen veiligheidsonderzoek. Ook de toepassing bij een recent geplaatste heupprothese, bij oncologische patiënten, bij osteoporose en bij kinderen komt aan bod.


Voor wie is dit webinar bedoeld?

Dit webinar is bestemd voor fysiotherapeuten, sportfysiotherapeuten, manueel therapeuten, oefentherapeuten en bewegingswetenschappers in Nederland en België die foam rolling toepassen bij patiënten of sporters en willen weten wat de techniek werkelijk oplevert. Voorkennis van onderzoeksmethodologie is niet vereist: het lezen van een forest plot wordt in het webinar stap voor stap uitgelegd.


Docent: dr. Jan Wilke

Jan Wilke is hoogleraar bewegingswetenschappen aan de Universität Klagenfurt in Oostenrijk en was daarvoor verbonden aan de Goethe-Universität in Frankfurt am Main. Hij publiceerde onder meer de meta-analyse over de acute effecten van foam rolling op de bewegingsuitslag en onderzoek naar rolsnelheid, triggerpointbehandeling, de timing van herstelbehandeling en de rol van de fascia bij spierpijn. Hij combineert zijn onderzoek met praktijkbegeleiding van atleten uit uiteenlopende sporten.

Cursus planning

  • 20:00 - 22:30: Webinar
Neem contact op