Scapulothoracale disfunctie: oorzaak of onschuldige toeschouwer bij schouderklachten?
Een update – Prof. Ann Cools
Het schouderblad speelt een centrale rol in de functie van het bovenste lidmaat. Tijdens armbewegingen moet de scapula continu de positie van de humeruskop volgen om optimale gewrichtsmechanica te garanderen. Dit maakt het schouderblad een essentiële schakel in de kinetische keten tussen romp en arm.
De scapula draagt onder andere bij aan:
- het behouden van voldoende acromio-humerale ruimte,
- het handhaven van een optimale lengte-spanningsverhouding van de deltoïde en rotator cuff,
- het creëren van een stabiel fulcrum voor de humeruskop in het glenoïd,
- en het overdragen van kinetische energie vanuit de romp naar het bovenste lidmaat.
Toch blijft de exacte rol van scapulaire disfunctie bij schouderklachten onderwerp van discussie. In de literatuur is er geen eenduidige consensus over de vraag of scapulaire afwijkingen een oorzaak van schouderpijn zijn, een gevolg ervan, of slechts een variatie in normaal bewegingsgedrag.
Onderzoek laat bijvoorbeeld zien dat asymmetrie in scapulaire beweging ook voorkomt bij asymptomatische sporters: tot 61% bij bovenhandse atleten en ongeveer 33% bij niet-bovenhandse atleten. Dit betekent dat niet elke afwijkende scapulaire beweging automatisch pathologisch is.
Tegelijkertijd tonen studies aan dat bij sommige patiënten met schouderklachten specifieke veranderingen kunnen optreden in scapulaire kinematica en spieractiviteit, zoals:
- verminderde opwaartse rotatie,
- verminderde posterior tilt,
- verminderde externe rotatie,
- verhoogde activiteit van de upper trapezius,
- verminderde activiteit van lower trapezius en serratus anterior,
- en een verhoogde activiteit van de pectoralis minor.
Deze webinar biedt een actuele update van de wetenschappelijke inzichten en hun vertaling naar de klinische praktijk.
Tijdens deze webinar bespreken we:
1. De rol van de scapula bij schouderpijn
- Wat is de functie van de scapula in een normaal bewegingspatroon?
- Wanneer is scapulaire dyskinesis klinisch relevant?
- Is scapulaire disfunctie een oorzaak of gevolg van schouderklachten?
- Wanneer is het schouderblad een relevante speler, en wanneer slechts een onschuldige toeschouwer?
2. Klinisch onderzoek van scapulaire disfunctie
- De waarde van visuele observatie in het klinisch onderzoek
- De rol en beperkingen van meetmethoden voor scapulaire positie en functie
- Praktische klinische testen die helpen om scapulaire betrokkenheid bij schouderklachten te identificeren
3. Revalidatie van scapulaire disfunctie
Op basis van recente onderzoeksresultaten worden praktische principes voor scapulaire revalidatie besproken, waaronder:
- het bevorderen van posterior tilt en opwaartse rotatie,
- het optimaliseren van spierbalans rond de scapula,
- het verminderen van overactiviteit van spieren zoals pectoralis minor, levator scapulae en rhomboidei,
- en het versterken van belangrijke stabilisatoren zoals lower trapezius en serratus anterior.
Voor wie is deze webinar bedoeld?
Deze webinar is bedoeld voor fysiotherapeuten, manueel therapeuten en andere zorgprofessionals die werken met patiënten met schouderklachten en hun klinisch redeneren rond scapulaire disfunctie willen verdiepen op basis van actuele wetenschappelijke inzichten.
Leerdoelen
Na afloop van deze webinar kan de deelnemer:
1. De rol van de scapula in schouderfunctie en schouderpijn kritisch analyseren.
De deelnemer kan de biomechanische en functionele bijdrage van de scapula binnen het schoudercomplex en de kinetische keten verklaren, inclusief de rol in het behouden van de acromio-humerale ruimte, het optimaliseren van de lengte-spanningsverhouding van rotator cuff en deltoïde, en het faciliteren van efficiënte krachtoverdracht tijdens armbewegingen.
2. De actuele wetenschappelijke evidentie rond scapulaire dyskinesis en schouderklachten evalueren.
De deelnemer kan onderzoeksbevindingen over scapulaire kinematica, spieractivatiepatronen en de mogelijke oorzaak-gevolgrelatie tussen scapulaire disfunctie en schouderpijn interpreteren en integreren in het klinisch redeneren.
3. Een gestructureerd klinisch onderzoek van scapulaire functie uitvoeren en interpreteren.
De deelnemer kan visuele observatie, symptoom-reducerende testen en aanvullende klinische onderzoeksmethoden toepassen om mogelijke scapulaire betrokkenheid bij schouderklachten te beoordelen, met begrip van de beperkingen van huidige meetinstrumenten en testen.
4. Evidence-informed klinische hypothesen formuleren over de rol van de scapula bij individuele schouderklachten.
De deelnemer kan anamnese, klinische onderzoeksbevindingen en bewegingsanalyse integreren om te bepalen of scapulaire disfunctie waarschijnlijk een primaire oorzaak, een secundaire aanpassing of een klinisch minder relevante observatie is bij een specifieke patiënt.
5. Gerichte oefentherapie voor scapulaire revalidatie ontwerpen op basis van principes van spierbalans en bewegingscontrole.
De deelnemer kan passende oefeninterventies selecteren en onderbouwen om scapulaire kinematica en spiercoördinatie te optimaliseren, inclusief strategieën om de activiteit van bijvoorbeeld de lower trapezius en serratus anterior te verbeteren en overactiviteit van spieren zoals de pectoralis minor of levator scapulae te verminderen.
Accreditatie
Het webinar is geaccrediteerd voor het Kwaliteitshuis Fysiotherapie (KNGF en Keurmerk) en PQK.
Cursus planning
- 20:00 - 21:30: Webinar
- 21:30 - 22:00: Q&A
- 22:00 - 22:30: Examen
Cursusmomenten
On demand
- Online
-
Ann Cools
-
4 punten (Pro-Q-Kine)3 punten (Kwaliteitshuis Fysiotherapie Vakinhoudelijk algemeen)
-
€39,99